Begrippenlijst energieopslag: alle termen in gewone taal
Wat is het verschil tussen kWh en kW? Wat betekent saldering, peak shaving of een BMS? De belangrijkste begrippen rond thuisbatterijen en zakelijke energieopslag, uitgelegd zonder jargon.
Deel dit artikel
Wie zich verdiept in batterijopslag, loopt binnen vijf minuten tegen een muur van afkortingen aan. kWh, DoD, MPPT, BMS, saldering, peak shaving. De meeste uitleg gaat ervan uit dat je die woorden al kent — en dat is precies het probleem.
Hieronder staan de begrippen die je tegenkomt, in gewone taal. Je hoeft ze niet allemaal te lezen. Zoek op wat je nodig hebt en ga verder.
Capaciteit en vermogen
Dit is het meest verwarrende paar en tegelijk het belangrijkste. Wie deze twee door elkaar haalt, koopt een batterij die niet doet wat hij verwacht.
Kilowattuur (kWh) — hoeveel er in past
Een kilowattuur is een hoeveelheid energie. Vergelijk het met de inhoud van een jerrycan. Een batterij van 32 kWh kan 32 kilowattuur opslaan. Een gemiddeld Nederlands huishouden verbruikt zo'n 7 tot 8 kWh per dag, dus die 32 kWh gaat een paar dagen mee.
Kilowatt (kW) — hoe snel het eruit komt
Een kilowatt is vermogen: hoeveel energie er per moment doorheen kan. Dat is de dikte van de kraan op de jerrycan. Een batterij kan enorm veel opslaan maar het traag afgeven, of weinig opslaan en het snel afgeven.
Waarom dit uitmaakt: als je een warmtepomp, een oven en een laadpaal tegelijk aan hebt, vraagt je huis op dat moment veel vermogen. Een batterij met te weinig vermogen kan dat niet leveren, hoeveel kilowatturen er ook in zitten. Andersom heeft een batterij met veel vermogen maar weinig capaciteit je 's nachts al lang verlaten.
Ontlaaddiepte (DoD)
Hoeveel van de batterij je daadwerkelijk mag gebruiken. Een batterij die je helemaal leegtrekt slijt sneller, dus systemen houden een reserve aan. Bij LiFePO4 kun je doorgaans 90 procent of meer benutten. Van een batterij van 48 kWh houd je dan ruim 43 kWh bruikbare capaciteit over. Dat is het getal dat telt.
Laadtoestand (SoC, State of Charge)
Hoe vol de batterij op dit moment is, in procenten. Wat de brandstofmeter is voor je auto.
Cyclus
Eén keer volladen en weer leegmaken. Niet per se aaneengesloten: twee keer half laden en ontladen telt ook als één cyclus. Het aantal cycli dat een batterij aankan, bepaalt samen met je gebruikspatroon hoe lang hij meegaat.
Belangrijk: in Nederland haal je geen 365 cycli per jaar. In november tot februari is er nauwelijks zonneoverschot om mee te laden. Reken eerder op tweehonderd tot driehonderd.
De installatie
Omvormer (inverter)
Zonnepanelen en batterijen werken op gelijkstroom, je huis op wisselstroom. De omvormer vertaalt daartussen. Het is het hart van je systeem en bepaalt in de praktijk meer over wat je kunt dan de batterij zelf.
Hybride omvormer
Eén apparaat dat zowel je zonnepanelen als je batterij aanstuurt. Compacter en vaak goedkoper dan losse apparaten, maar je zit wel vast aan wat dat ene apparaat kan.
Gelijkstroom en wisselstroom (DC en AC)
Gelijkstroom loopt één kant op: batterijen, zonnepanelen, autoaccu's. Wisselstroom wisselt vijftig keer per seconde van richting en komt uit je stopcontact. Waar in je systeem de omzetting plaatsvindt, bepaalt hoeveel energie er onderweg verloren gaat.
Eén fase en drie fasen
De meeste oudere woningen hebben een aansluiting met één fase. Nieuwere woningen, woningen met een warmtepomp of een laadpaal en vrijwel alle bedrijfspanden hebben er drie. Drie fasen kunnen meer vermogen aan. Wil je bij stroomuitval je hele huis kunnen voeden, dan moet je systeem alle drie de fasen aankunnen — dat is een wezenlijk andere installatie dan een enkele fase.
MPPT-laadregelaar
Een regelaar die voortdurend zoekt naar het punt waarop je zonnepanelen het meeste vermogen leveren. Die optimale stand verschuift met de zon en de temperatuur. Zonder MPPT laat je een flink deel van je opbrengst liggen.
BMS (Battery Management System)
De bewaker in de batterij. Hij meet spanning, stroom en temperatuur van elke cel en grijpt in voordat er iets misgaat: te ver opladen, te ver ontladen, te warm worden, te veel stroom trekken. Bij LiFePO4-systemen is het BMS de belangrijkste veiligheidsvoorziening die er is.
Celbalancering
Een batterij bestaat uit tientallen cellen in serie. Die lopen na verloop van tijd uit de pas en dan bepaalt de zwakste cel wat het hele pakket nog kan. Balanceren trekt ze weer gelijk. Actieve balancering doet dat door energie te verplaatsen en werkt beter dan passieve balancering, die het overschot simpelweg wegstookt als warmte.
48V-systeem
De spanning waarop de batterij werkt. Een 48V-systeem is laagspanning: veiliger om aan te werken, breed ondersteund door merken als Victron en Deye en makkelijk uit te breiden. Hoogspanningssystemen halen iets meer rendement, maar je zit doorgaans vast aan één leverancier voor batterij, omvormer en aansturing.
Wat je ermee doet
Zelfverbruik
Het deel van je eigen opwek dat je ook zelf gebruikt op het moment dat je het opwekt. Zonder batterij ligt dat bij de meeste huishoudens rond de dertig procent — je panelen leveren midden op de dag, als er niemand thuis is. Een batterij verschuift die stroom naar de avond en verhoogt je zelfverbruik.
Saldering
De regeling die het mogelijk maakt om teruggeleverde stroom af te trekken van je verbruik. Een teruggeleverde kilowattuur is daarmee net zoveel waard als een afgenomen kilowattuur. Deze regeling vervalt per 1 januari 2027.
Terugleververgoeding
Wat je leverancier je vanaf dat moment nog betaalt voor stroom die je terugstuurt. Doorgaans een paar cent per kilowattuur, terwijl je voor afname het volle tarief betaalt.
Terugleverkosten
Een bedrag dat veel leveranciers rekenen per teruggeleverde kilowattuur, bij vaste en variabele contracten. Dat gaat van je vergoeding af. Netto kan terugleveren je daardoor geld kosten in plaats van opleveren. Bij de meeste dynamische contracten worden deze kosten niet gerekend.
Dynamisch energiecontract
Een contract waarbij de prijs per uur verschilt en de dag ervoor bekend wordt gemaakt. 's Nachts en midden op een zonnige dag is stroom goedkoop, in de avondpiek duur. Met een batterij kun je dat verschil benutten: laden als het goedkoop is, ontladen als het duur is.
Piek- en daltarief
Een oudere variant met twee tarieven: overdag duurder, 's nachts en in het weekend goedkoper. Het verschil is tegenwoordig klein, vaak twee tot vijf cent. Dat is meestal te weinig om met een batterij op te verdienen, omdat je bij laden en ontladen ongeveer een tiende van de energie verliest.
Peak shaving
Het afvlakken van je hoogste vermogenspieken. Vooral zakelijk relevant: bedrijven betalen mede op basis van hun hoogste afname, dus wie die piek met een batterij opvangt, verlaagt zijn kosten of voorkomt een dure verzwaring van de aansluiting.
Gecontracteerd vermogen
Het vermogen dat je zakelijk mag afnemen. Ga je daaroverheen, dan volgt een naheffing. Opslag kan die overschrijding voorkomen.
Netcongestie
Het elektriciteitsnet zit op steeds meer plekken vol. Bedrijven kunnen soms jarenlang niet aan een zwaardere aansluiting komen. Opslag is dan geen besparing maar een voorwaarde om verder te kunnen.
Noodstroom en off-grid
Noodstroom betekent dat je systeem het overneemt als het net uitvalt. Dat vraagt om een omvormer die dat aankan en om een scheiding van je installatie, zodat je niet terug het net op levert terwijl er monteurs aan werken.
Off-grid gaat verder: dan is er helemaal geen netaansluiting en moet je systeem het hele jaar zelfstandig draaien, ook in december.
Batterij en veiligheid
LiFePO4 (LFP)
Lithium-ijzerfosfaat. De chemie die vrijwel alle serieuze thuis- en bedrijfsopslag gebruikt. Gaat lang mee, is beter bestand tegen hitte dan andere lithiumsoorten en bevat geen kobalt.
NMC
Nikkel-mangaan-kobalt. Compacter en lichter en daarom gangbaar in elektrische auto's waar gewicht telt. Voor een batterij die stilstaat in een schuur of meterkast is dat voordeel er niet, terwijl de nadelen wel blijven.
Levensduur
Hoe lang een batterij meegaat hangt af van het aantal cycli, de diepte waarmee je ontlaadt en de temperatuur waarbij hij staat. Bij LiFePO4 praat je over vele duizenden cycli voordat de capaciteit merkbaar terugloopt. Een batterij is aan het eind van zijn leven niet stuk — hij houdt alleen minder vast dan toen hij nieuw was.
CE
De verklaring van de fabrikant dat het product voldoet aan de Europese regels. Verplicht, maar het is een eigen verklaring en geen onafhankelijke keuring.
UN38.3
Een transporttest. Lithiumbatterijen mogen alleen vervoerd worden als ze deze doorstaan: trillingen, schokken, drukverschillen, kortsluiting. Zegt iets over veilig transport, niet over veilig gebruik in je meterkast.
MSDS
Een veiligheidsinformatieblad met de eigenschappen van het product en wat te doen bij een incident. Documentatie, geen keuring.
IEC 62619
Dit is de zwaarste van de vier en de enige die daadwerkelijk over veilig gebruik gaat. Een onafhankelijk laboratorium test het complete batterijsysteem: wat gebeurt er bij overladen op spanning, bij overladen op stroom, bij oververhitting, bij een val. Het BMS moet in al die gevallen op tijd ingrijpen.
Let op het verschil tussen certificering op celniveau en op systeemniveau. Cellen kunnen gecertificeerd zijn terwijl het samengestelde systeem dat niet is. Wie het serieus doet, kan beide laten zien.
Wat je hiermee kunt
Met deze begrippen kun je een offerte lezen en de goede vragen stellen. Twee die het meeste opleveren:
Hoeveel bruikbare capaciteit houd ik over? Niet het getal op de doos, maar wat er na de ontlaaddiepte overblijft.
Wat is het vermogen en is dat genoeg voor wat ik tegelijk aan heb staan? Capaciteit zonder vermogen levert een batterij op die er wel is maar niet levert wanneer je hem nodig hebt.
Wil je weten wat opslag in jouw situatie oplevert, gebruik dan onze rekenhulp. Die rekent met je eigen verbruik, je zonnepanelen en je contract en laat ook zien wanneer een kleinere batterij evenveel oplevert.
Veiligheid bij DC-installaties
DC-installaties met batterijen kunnen hoge stromen leveren. Controleer altijd of kabeldoorsnede, zekering, connectoren en montage geschikt zijn voor jouw toepassing. Laat installatie bij twijfel uitvoeren of controleren door een vakbekwame installateur.
Verder lezen
Welke kabeldoorsnede kies je voor je DC-installatie?
Hoe je de juiste kabeldoorsnede bepaalt op basis van stroom, lengte en toelaatbare spanningsval — met een richtinggevende tabel voor 25 tot 95 mm².
Lugs M6, M8, M10 en M12 — welke past op jouw aansluiting?
De M-maat van een kabelschoen, het verschil tussen boutdiameter en gat, en wanneer je voor 0° of 90° oriëntatie kiest.
Spanningsval bij DC-kabels in de praktijk
Een eenvoudige rekenregel, een werkvoorbeeld op 24V en 48V en hoe je ziet wanneer je een maat dikker moet kiezen.
